| Françoise verkoopt al veertig jaar in de Agoragalerij, waar ze ook eigenares is van heel wat winkelruimtes.

# Françoise verkoopt partykleren in de Agoragalerij: 'Onze klanten zijn vaak erg uitgelaten'

Op een zucht van de Grote Markt ligt een plek zoals er geen tweede is in Brussel, vol nagelcentra, leren jassen en technologiegadgets. In die Agoragalerij verkoopt Françoise bij Dinky al veertig jaar feestkleding met een hoek af. “Een man als vrouwelijke sekswerker kleden, dat is lachen geblazen.”

Een vrolijk duo stapt Dinky binnen: een luchtig geklede jonge vrouw – kort rokje, topje – en haar vriendin met hoofddoek, lange mouwen en een lange broek. Giechelend informeren ze naar een minirok met luipaardmotief. Een mannelijke kennis sjokt hoofdschuddend achter hen aan: “Wie wil je daar eigenlijk mee vangen?” Luipaardmotieven blijken een ding bij Dinky. Even later informeert een kalende man naar een slip met pantermotief: “Het mag een beetje stretchstof zijn.” Maar net zo goed zijn er dames die engelenvleugels zoeken én vinden.

Dinky bevindt zich in het hart van de Agoragalerij en is onzichtbaar vanaf de straat. Het geeft de klanten van de zaak met extravagante partykleren en pikante lingerie wat meer privacy. “Dat contact met de klanten blijft me motiveren”, vertelt uitbaatster Francoise Dinkci (65). “Mensen komen omdat ze naar een feestje gaan en zijn vaak uitgelaten. Onlangs had ik nog een koppel dat naar een thema-avond ging waar zij als pooier moest gaan en hij als vrouwelijke sekswerker. Dat was lachen geblazen, zeker toen hij op hakkenschoenen probeerde te lopen.”

Hippies en punks

Françoise Dinksi werkt al sinds de jaren 1980 in de Agoragalerij en is samen met haar man ook eigenaar van tal van de winkelruimtes. Vijf daarvan baat de familie bovendien zelf uit. Een van de zonen richtte er bijvoorbeeld Vegan Pot op, een zaak die hartige wafels op basis van aardappelen verkoopt.

“In de jaren 1980 was dit een heel andere galerij, veel diverser. Je had bijvoorbeeld een sjieke winkel met exotisch fruit en noten, een antiquair, een gespecialiseerde koffiebar en een winkel die enkel paraplu's verkocht. De kledingwinkels verkochten de eerste decennia ook veel meer hippie- en punkkleren en waren vaker in handen van Marokkaanse handelaars. De Pakistani en Afghanen, die bijvoorbeeld leren jassen verkopen, zijn pas later gekomen, rond 2000 misschien.”

"Vroeger hadden we veel meer Belgen die naar de Agoragalerij kwamen, omdat ze wisten wat ze hier zouden vinden. Nu Brussel minder bereikbaar is, blijven die weg" Françoise Dinkci, uitbaatster Dinky en eigenares in de Agoragalerij

Zoals voor veel handelszaken was de covidperiode een kantelpunt voor de galerij. “De klanten bleven weg en de leegstand groeide, waarop steeds meer nagelsalons zich hier gingen vestigen.” Françoise wijst naar een deel van de galerij dat afgesloten wordt door een schuifdeur, die de indringende geur van de producten uit de rest van de galerij moet houden.

“De laatste jaren zie je dat ook kledingwinkels het moeilijk hebben. Ik zie zelf hoe mensen iets komen passen en dan voor je neus kijken of ze het niet goedkoper krijgen op het internet. Mijn zoons hebben zich meer op de horeca gericht.”

Definitieve sluiting

Ook voor Dinky is er verandering in zicht. De zaak houdt immers totale uitverkoop en kondigt de definitieve sluiting aan op de vitrine. Bezorgde klanten informeren of dat de eigen keuze is van Françoise. “Dat is het”, bevestigt ze. “De huidige winkel is te groot en we willen het assortiment schoenen afstoten. Dat vraagt veel opslagruimte en met schoenen moet je minstens met zijn tweeën in de winkel staan. Mensen hebben ook geen besef meer van een correcte prijs. Onlangs klaagde een meisje nog dat een paar lederen schoenen hier 70 euro kostte, terwijl haar sneakers volgens mij makkelijk 100 euro kosten.”

Gaandeweg zag de Agora­galerij haar publiek veranderen. “Vroeger hadden we veel meer Belgen die naar de Agoragalerij kwamen, omdat ze wisten wat ze hier zouden vinden. Nu Brussel minder bereikbaar is, blijven die weg. Ik woon in Waterloo en zie dat bij mijn vrienden, die komen niet meer naar Brussel. We moeten het meer met toeristen doen, die misschien toevallig iets kopen en dus minder uitgeven. Dinky is daar een beetje een uitzondering op. Bij ons komen de klanten echt nog omdat ze hier een uniek aanbod vinden.”

Met haar 65 jaar nadert Françoise de pensioenleeftijd. Toch denkt ze niet meteen aan stoppen. “Dat joviale contact met de klanten, ik ben dat zo gewoon dat ik het moeilijk vind om gas terug te nemen. Mijn moeder was ook zo. Ook toen die al hoogbejaard was, kwam ze nog helpen in de winkel.”

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels . Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg .
