In de vijvers van Marius Renard in Anderlecht sterven de karpers massaal door een virus. Moet de hele vissenpopulatie in Brussel zich beginnen zorgen te maken?
Vissensterfte: paarseizoen maakt karpers kwetsbaarder voor virussen
In de vijvers van Marius Renard in Anderlecht sterven de karpers massaal door een virus. Moet de hele vissenpopulatie in Brussel zich beginnen zorgen te maken?
Half vergaan en drijvend aan de oppervlakte: de stadsvijvers van Marius-Renard in Anderlecht toonden afgelopen weken lugubere beelden van dode karpers, tot ontsteltenis van de omwonenden die klaagden over de stank en het onaangename beeld van rottend vlees.
Navraag bij Leefmilieu Brussel leert dat de vissen wellicht getroffen zijn door een virus: oftewel een variant van het herpesvirus, ofwel CEV – een variant van slaapziekte die karpers treft – of toch lenteviremie (SVC), een virus waar de karperachtigen extra gevoelig voor zijn in het voorjaar, wanneer hun weerstand het laagst is. Vooral die laatste ziekte kan snel om zich heen grijpen en in korte tijd tot negentig procent van een besmette populatie doden.
Dat die ziekte eind mei opduikt, veroorzaakt een perfecte storm, want in deze tijd van het jaar zijn nogal wat vissen uitgeput door het voorbije paarseizoen en hadden ze te lijden onder verslechterde waterkwaliteit en zuurstoftekorten tijdens de hittedagen van de recente pinksterperiode.
Snel ingrijpen is de boodschap en dat doen ze bij Leefmilieu Brussel. “Genezende maatregelen bestaan helaas niet voor deze virussen”, zegt woordvoerder Lynn Tobback. “Wat we wel kunnen doen, is een zo gezond mogelijk milieu creëren, om op die manier de druk op de vijvers te verlichten. Onze ploegen verwijderen de dode vissen zo snel mogelijk en bovendien is er een toevoer van vers water via andere vijvers, die de verspreiding van de ziekte een halt moet toeroepen.”
Liefst 28 vissoorten duiken op in de Brusselse wateren en hun aantallen nemen jaar na jaar toe
Treurige taferelen zoals die in Anderlecht schetsen niet het hele plaatje. Het gaat immers best goed met de vissen in de Brusselse vijvers en waterlopen. Om de drie jaar monitort Leefmilieu Brussel de aanwezigheid van de vissoorten in de Zenne, het Kanaal en de Woluwe, naast de verschillende grote vijvers in het gewest. Wat blijkt? Liefst 28 vissoorten duiken op in de Brusselse wateren en hun aantallen nemen jaar na jaar toe. Onder hen vooral karperachtigen, maar ook snoeken – roofvissen die soms worden uitgezet om “overbevolking” te vermijden – brasem en paling.
Daarbij moet een oogje in het zeil worden gehouden voor de invasieve vissoorten. Bij onderhoudswerken aan de vijvers en waterlopen worden exotische soorten die de originele populatie dreigen te verdringen, zoveel mogelijk verwijderd. Vooral nijlbaarzen en roodwang-, geelwang- en geelbuikschildpadden (vaak in stadsvijvers en -waterlopen gedumpt door hun baasjes) komen dan in het vizier.
Die diverse vissenpopulatie gezond en gelukkig houden vergt evenwel volgehouden inspanningen van alle betrokkenen. Te veel vissen in een te kleine vijver veroorzaken problemen met de waterkwaliteit en kunnen tot problemen leiden zoals in Anderlecht. De (inheemse) vissenpopulatie op een leefbaar peil houden is dus de boodschap.
Beestig Brussel
Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels . Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg .